Je mimiek is een belangrijk aspect van je non-verbale communicatie. Het beïnvloedt namelijk de wijze waarop en intentie waarmee je als spreker een boodschap overbrengt.
Wie zich in presenteren verdiept, stuit op een grote diversiteit aan vaktermen. Wij lichten deze vaktaal kort en krachtig toe met behulp van woordenboeken en vakinhoudelijke bronnen. Vandaag staat het begrip mimiek centraal.

Mimiek: waar verwijst het naar?
In de Dikke Van Dale staan twee definities van de term mimiek. De eerste verwijst simpelweg naar de uitdrukkingsbewegingen van het gezicht. In die zin is het begrip dus nauw verwant aan je expressie of gezichtsuitdrukking.
De tweede betekenis gaat over de kunst om door gebaren gewaarwordingen en denkbeelden uit te drukken. In dat geval heeft het woord betrekking op de kunst van pantomime, waarin de kunstenaar je meeneemt in een verhaal zonder taal te gebruiken.

Waar komt de term vandaan?
Het woord mimiek is afkomstig uit het Frans en werd rond het midden van de 19de eeuw voor het eerst geregistreerd in een Nederlands woordenboek.1 Het Franse equivalent mimique had overigens een bredere betekenis, namelijk ‘dat wat met gebaren uitgedrukt wordt’.
In het Nederlands is de betekenis vernauwd naar gezichtsuitdrukkingen. In 1838 definieerde het Woordenboek der Nederlandse Taal het begrip als ‘de gesticulatie der oogen en der gelaatstrekken’, oftewel: de gebaren die we maken met onze ogen en ons gezicht.
Waarom is deze term belangrijk?
De kracht van je boodschap wordt niet alleen bepaald door de inhoud, maar ook door de manier waarop je de informatie overbrengt. Je wilt er dus alles aan doen om je credibility te vergroten. Dat doe je onder meer met je non-verbale communicatie.
Met de juiste mimiek kun je bijvoorbeeld enthousiasme, empathie of bezorgdheid uitstralen. Dat zorgt voor een persoonlijke verbinding met je publiek. Bovendien kun je met je expressie de inhoud van je verhaal versterken, bijvoorbeeld door te glimlachen tijdens een positieve boodschap of te fronzen bij informatie die je verontwaardiging opwekt.

Oefen je mimiek voor de spiegel: spreek vijf zinnen uit met telkens een andere intentie (verbazing, ernst, plezier, twijfel, overtuiging) en kijk wat je gezicht doet. Wat je in de spiegel ziet zonder dat je woorden je afleiden, is precies wat je publiek onbewust ook leest.

Film een korte presentatie en bekijk hem terug zonder geluid. Let alleen op je gezicht: matcht je mimiek de inhoud die je toen vertelde? Een mismatch tussen woorden en gezichtsuitdrukking maakt je verhaal ongeloofwaardig, ook al is je tekst goed.
Ben jij je bewust van je mimiek?
Het is nagenoeg onmogelijk om niet te communiceren.2 Elke beweging die je maakt kan door een ander worden geïnterpreteerd als een boodschap. Zelfs als je niet beweegt, kan de ontvanger daar een intentie in ontdekken.
Als je spreekt in het openbaar is het daarom cruciaal je bewust te zijn van je mimiek. Je wilt immers geen onbedoelde boodschap uitdragen. Door je gezichtsuitdrukkingen doelgericht in te zetten, kun je een verhaal kracht bijzetten en een sterkere verbinding met je publiek maken.